Diplomamodel mbo

Reactie

Naam ROC Aventus (drs. L. Visser)
Plaats Apeldoorn
Datum 5 juli 2011

Vraag1

Zijn de eisen die gesteld worden aan het diploma voor u uitvoerbaar?

Op het diploma moeten de kwalificatie, de Crebocode van de kwalificatie, het mbo-niveau, de naam en het nummer van de instelling en de ondertekening worden vermeld. Daarnaast moeten naam, geboorteplaats, geboortedatum en persoongebonden nummer van de examenkandidaat worden vermeld.

Instellingen behouden de mogelijkheid om zelf de lay-out te bepalen en extra informatie (zoals de leerweg en het kenniscentrum) op het diploma te plaatsen. Bij extra informatie is terughoudendheid echter gewenst in verband met de herkenbaarheid van het diploma.
Voor wat betreft de vermelding van het Kenniscentrum op het diploma zijn ROC's in het nabije verleden geconfronteerd met druk vanuit de Kenniscentra om het logo te vermelden op het diploma. Dit werd soms gekoppeld aan verplichte winkelnering v.w.b. inkoop van exameninstrumenten. Voorkomen moet worden dat de suggestie wordt gewekt - naar bijvoorbeeld werkgevers - dat wanneer de examinering niet wordt uitgevoerd met examenproducten van een KC, dat het diploma van een ROC minder waard is.

Vraag2

Zijn de eisen die gesteld worden aan de resultatenlijst voor u uitvoerbaar en geven deze eisen voldoende inzicht in prestaties van de examenkandidaat?

Op de resultatenlijst moeten dezelfde gegevens worden vermeld als op het diploma. Daarnaast moeten op de resultatenlijst ook de kerntaken en de generieke examenonderdelen (voor zover van toepassing) met bijbehorende examenresultaten worden vermeld. Bij Nederlandse taal wordt naast het resultaat ook het referentieniveau, het resultaat op het centraal examen en het resultaat op het instellingsexamen opgegeven. Bij rekenen worden naast het resultaat ook het referentieniveau vermeld. Bij Engels wordt naast het resultaat ook het ERK-niveau (ook wel CEF-niveau genoemd) opgegeven.

Instellingen behouden de mogelijkheid om zelf de lay-out te bepalen en extra informatie op de resultatenlijst te plaatsen. Bij extra informatie is terughoudendheid echter gewenst in verband met de herkenbaarheid van de resultatenlijst. De instelling kan behalve de kerntaken, als extra informatie de bijbehorende werkprocessen met eventueel bijbehorende examenresultaten op de resultatenlijst vermelden.
Het werken met een tienpuntsschaal (1 t/m 10) is niet gewenst bij het beoordelen van werkprocessen en/of kerntaken. Deze werkwijze leidt er gemakkelijk toe dat de behaalde resultaten gemiddeld gaan worden, waardoor niet gemeten wordt of de kandidaat het werkproces, resp. de kerntaak beheerst, maar of het gemiddelde op de kerntaak 'voldoende' is. Dit middelen van resultaten staat haaks op 'competent gedrag'.
Wel is het begrijpelijk dat er onderscheid in behaalde prestaties kan worden aangegeven. Daartoe volstaat m.i. een onderscheid in 'voldoende' en 'goed'. De cesuur tussen onvoldoende / voldoende en voldoende / goed is ook te omschrijven, zodat beoordelaars handvatten hebben om het eindresultaat vast te stellen. Het verantwoorden van de cijfers 6, 7, 8, 9 en 10 vraagt veel extra werk voor het ROC, met name waar het gaat om het beoordelen van concreet gedrag tijdens het uitvoeren van de werkprocessen. Cijfers suggereren een grote mate van objectiviteit, maar dit lijkt een schijnzekerheid waar het beoordelen van gedrag betreft. Wie is er gediend bij deze uitsplitsing? Laten we voorkomen dat we ROC's opzadelen met veel extra werk, terwijl de kwalificatiedossiers weinig handvatten bieden om dit concreet uit te werken.

Vraag3

Wat is uw achtergrond? Bent u bijvoorbeeld mbo-docent, mbo-student, ouder van een mbo-student, hbo-docent of werkgever?
senior onderwijskundig adviseur op een ROC