Wet toezicht informeel onderwijs
Reactie
Naam
|
Anoniem
|
Plaats
|
Heino
|
Datum
|
28 december 2024
|
Vraag1
Wilt u reageren op het Wetsvoorstel Toezicht informeel onderwijs dan kunt u hier een reactie geven. U kunt dat doen door een bericht achter te laten en/of door een bericht te uploaden.
OP WEG NAAR EEN CATECHISATIEPOLITIE?
Het probleem
De overheid wil iets doen aan mogelijke misstanden binnen het informeel onderwijs, bijvoorbeeld op sommige heel zuivere Koranscholen, bij soevereinen en Chinese weekendscholen. In de Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel staat echter te lezen dat het om enkele gevallen gaat, en dat het probleem niet veelvoorkomend’ is.
De voorgestelde oplossing: Wet toezicht informeel onderwijs
Het kabinet Schoof heeft het idee om een ‘wet toezicht informeel onderwijs’ in het leven te roepen, overgenomen. Wetgeving is een zwaar instrument om een niet veel voorkomend probleem te bestrijden. Maar de vraag is of je deze wet het beoogde doel bereikt? De voorgestelde regeling gaat voor een grote groep jongeren en voor veelsoortige instellingen met heel verschillende achtergronden gelden. Voor al het informele onderwijs buitenshuis, professioneel of vrijwillig, mondeling en/of schriftelijk, geldt het verbod dat het niet mag aanzetten tot haat, discriminatie of geweld tegen personen of hun goederen vanwege een persoonskenmerk, of geweld tegen het openbaar gezag. Daarmee komt dit wetsvoorstel wel heel ver af te staan van eventuele problemen bij sommige Koranscholen, soevereinen en Chinese weekendscholen.
Bezwaren
Wat ik zojuist al aangaf, het wetsvoorstel gaat over een heel breed terrein van hoe ouders hun kinderen willen opvoeden, van hoe mensen leven, denken en doen. Dit wetsvoorstel raakt de werking van een aantal belangrijke grondrechten, zoals de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging, van meningsuiting en van onderwijs. De wezenlijke vraag is hoe ver een overheid invloed mag hebben op het (samen)leven, denken en doen van mensen en de overdracht van waarden en normen van ouders/ouderen/voorgangers aan jongeren in Nederland. De Onderwijsinspectie waarschuwt dat door de wet een groot deel van de samenleving onder toezicht van de Inspectie wordt gebracht en dat daarvoor de Inspectie niet is bedoeld. Ze noemt het beoogde toezicht rechtstatelijk kwetsbaar.
Samenvattend kun je vaststellen dat de reikwijdte van dit wetsvoorstel in geen verhouding staat tot het probleem dat het kabinet wil bestrijden. De vrijheid van (samen)leven, denken en doen en van het overbrengen van waarden en normen door ouders/ouderen/voorgangers aan jongeren wordt te zeer aangetast. Laat dit wetsvoorstel geen middel worden om de neoliberale waarden en normen over individuele vrijheid en autonomie, opgelegd te krijgen.